LEESOBSERVATIES

Voor een verwende lezer werkt een boek als een deus ex machina. Eindelijk een werk dat de cirkel van literaire verveling doorbreekt. Voor mij was dat Serotonine van Michel Houellebecq. Serotonine is het gelukshormoon dat ontbreekt in de levens van misschien wel al zijn hoofdpersonen. Met platte seks, kettingroken en af en toe een goed boek proberen zij in de buurt van het geluk te komen. Ik ken maar weinig auteurs die zo goed kunnen laten voelen hoe het is om eenzaam te zijn. Van Oudshoorn, Jan Arends, F, B. Hotz en Thomas Rosenboom konden dat ook. Bij Houellebecq doet het zelfs pijn. Ik heb van Philip Roth onthouden dat je door langdurige lezing hetzelfde gaat voelen als de auteur tijdens het schrijven. Ik stel me voor dat dat die pijn is die ik bij Houellebecq voel.

We leven in een vrije markteconomie. Volgens H. is ook de liefde een speelbal van het marktdenken geworden. Wie niet goed in de markt ligt, is aangewezen op een seksclub of reist af naar Thailand. 

Serotonine zou zomaar het laatste boek van H. kunnen zijn. De hoofdpersoon heeft het gevoel dat zijn levenseinde aanstaande is. Ook maakt hij het testament van zijn relaties op. Hoe gaat het nu met Camille? En met zijn studiegenoot Aymeric? Bij de een komt hij dat aan de weet door stiekeme, laag bij de grondse observaties, anderen vereert hij met een bezoek. Maar hoe hij ook te werk gaat, zijn conclusies zijn interessant. Bijv. dat hij met Camille best gelukkig had kunnen worden, als hij haar een ouderwets leven aan had durven bieden en haar niet met overspel in het ongeluk had gestort.

Erg mooi en aangrijpend is de hernieuwde kennismaking met zijn oude studievriend Aymeric. Een man van deftige komaf, die een goed huwelijk leek te hebben gesloten en samen met zijn vrouw een leven leidde in overeenstemming met zijn idealen. Maar als hij later opnieuw langskomt, heeft ook hier het noodlot toegeslagen in de vorm van een scheiding - zij is er vandoor met een pianist - en zal het opnieuw toeslaan als Aymeric in een politieke confrontatie verzeild raakt. Houellebecq is de echte chroniqueur van deze tijd. Hij schrijft over de geindividualiseerde samenleving, het gebrek aan sociale samenhang en het feit dat de seksen op elkaar uitgekeken zijn. Natuurlijk overdrijft hij, maar het is toch waar wat hij schrijft.

Als je de boeken van H. hebt gelezen en je ziet een portret van de auteur, denk je: Ja, zo zou de schrijver van deze verhalen eruit kunnen zien. 

FRAGMENT(EN)

'Natuurlijk schrijf ik u 20 mg voor,' vervolgde hij, 'maar nou ja, 15 of 20...Antidepressiva zijn geen wondermiddelen, ik neem aan dat u dat beseft.' Dat besefte ik. 'En 20 mg, vergeet niet dat dat toch echt de maximaal verkrijgbare dosis is. U zou uiteraard twee tabletten kunnen nemen en op 25, 30 en dan 35 kunnen gaan zitten, maar waar houdt het dan op? Echt, ik raad het u niet aan. De waarheid is dat het is getest op 20, niet hoger, en ik heb niet zo'n zin om het risico te nemen. Hoe staat u ervoor qua seks?'
Die vraag bracht me van mijn stuk. Toch was het geen slechte vraag, dat moest ik toegeven, er was een verband met mijn situatie, een verband dat me ver weg leek en vaag, maar toch nog altijd een verband. Ik antwoordde niets, maar waarschijnlijk spreidde ik mijn handen en deed ik mijn mond een beetje open, nou ja, ik drukte vast op redelijk treffende wijze het idee 'niets' uit want hij zei: 'Okay, Okay, ik snap het...'